Het is mij tijdens mijn 'Belgische' periode steeds meer beginnen te dagen dat het boeddhistische principe, dat vrijwel niemand op zichzelf alleen volgens de dharma kan leven, een sterke grond van waarheid bevat. Het gemis aan steun en geestelijke voeding van spirituele vrienden werd me overduidelijk. Nu ben ik dit relatief gewoon geweest al de jaren voor mijn eerste Aziatische rondreis. Ik prijs me gelukkig dat ik toen, zowel als nu, veel steun vond in het lezen van goede boeken over boeddhisme en spiritualiteit in het algemeen. En er is wat dat betreft heel wat te vinden. Ik ben gaandeweg deze literatuur als een soort alternatief voor het leven in een sangha, een spirituele gemeenschap, ter compensatie gaan beschouwen. Het is natuurlijk niet hetzelfde maar het helpt jezelf te blijven focussen. Want het tegenovergestelde is ook waar, als je voortdurend leeft in een gemeenschap die enkel met de materiele kant van het leven bezig is, word je daar ook volledig in meegesleurd. Als je in een dergelijke wereld bent opgegroeid, heb je waarschijnlijk reeds van in je kinderjaren hersenverbindingen opgebouwd en opgeslagen die je gedachten en gedragingen in die richting blijven sturen. Als bv. iedereen rondom je gelooft en beweert dat een huis huren weggegooid geld is en dat je enkel vrij en onafhankelijk kan zijn wanneer je een eigendom bezit, dan is de kans groot dat je dat zomaar gaat geloven. In mijn gedichtje 'Vruchtgebruik' heb ik mijn standpunt daarover reeds toegelicht en ik denk niet dat het zinnig is hierover verder te argumenteren. Het is ook maar een voorbeeld, er zijn er zeker betere te vinden maar ik wil wel eens graag een knuppeltje gooien in het hoenderhok van de Belg met een baksteen in de maag. Ik vind het contrast met de uitspraak van de Boeddha dat 'de enige erfenis van belang die we nalaten onze daden en gedachten zijn' wel interessant.
Maar goed, het uitgangspunt was dus de wijze waarop de groepsdruk ons dagelijks leven kan beinvloeden. En het belang van een geweldloze, mededogende ondersteuning voor het blijvend werken aan een positieve levenshouding in een omgeving waar geweld en agressie een groot deel van onze amusementsfilms en games opvult.
Ik vind het pijnlijk om zien, jonge kinderen die oorlogje spelen op computer. Jong geleerd is oud gedaan? Mogelijk ziet onze minister van landsverdediging hierin toekomstige gevechtspiloten. Of blijft men argumenteren dat zulks goed is voor de verstandelijke ontwikkeling?
Ik verlang er naar weer in kloosters en centra te verblijven waar een weldadige sfeer van medemenselijkheid en innerlijke vrede heel normaal bevonden wordt. En ik zie, meer dan ooit, de noodzakelijkheid om met iets dergelijks in Belgie van start te gaan. Toch nog even geduld oefenen en niet op de zaken vooruitlopen.
Ondertussen sluit ik mij aan bij de Dalai Lama wanneer die in het boek 'De kunst van het geluk' beweert dat de mens van nature zachtaardig is maar dat de omstandigheden of aangeleerde gedragingen dat kunnen veranderen. Hedendaags wetenschappelijk onderzoek dienaangaande blijkt dat te bevestigen. Dit betekent evenwel dat wij ons kunnen trainen in mededogend en vredelievend gedrag en hoe meer we zo naar buiten komen, hoe meer we dat ook op ons pad tegenkomen. Het is alles een kwestie van goede wil, niet van economisch gewin. Maar ik val weer in herhaling zeker? Of moeten we dit zachtaardig blijven herhalen? Ook, maar allicht nog beter is hiervan het levende voorbeeld te worden. Er is nog werk aan mijne winkel.
donderdag 21 april 2011
zondag 17 april 2011
Het overkomt me niet vaak meer, dat onbestemde en vaag onderhuidse gevoel van droefenis. Maar vandaag ben ik er mee opgestaan en zal ik ermee moeten gaan slapen. Op het eerste gezicht kon ik daar geen reden voor vinden, het gaat me immers voor de wind. Kan het de onvermijdelijke onzekerheid zijn die, nu ik binnen 6 dagen weer vertrek naar verre onbekende oorden, zich enigszins aandient? Niet geheel onwaarschijnlijk, al ben ik dergelijke avonturen reeds ietwat gewoon en kan ik me relatief makkelijk voorhouden dat ik me maar vol vertrouwen met de stroom moet laten meedrijven. Maar daarvoor moet je in een goede conditie zijn. Is het omdat ik toch wel vage fysieke ongemakken ervaar? Een verkoudheid, meegebracht vanuit Nepal, die maar niet wil overgaan, om er eentje te noemen. Kan natuurlijk hooikoorts zijn want, al heb ik daar nooit teveel last van ondervonden, ik ben wel met astma geboren. Of zijn er met deze aanhoudend zonnige lente andermaal teveel fijne stofdeeltjes in de Belgische atmosfeer? Meestal roet afkomstig van dieselbrandstof, hoe men dat ook probeert te minimaliseren. Ik moet natuurlijk resoluut opnieuw stoppen met roken, mijn kwalijkste verslaving. Ik weet echter dat ik dat kan, ook dat ik kan hervallen. Een mogelijke reden tot vage droefenis: soms pijnlijk geconfronteerd worden met je tekortkomingen. Ik dacht echter dat ik dat al aanvaard had. Denken he...
En mijn rug laat zich opnieuw voelen omdat ik het even niet meer gewend ben om niet op een harde ondergrond te slapen... Ach, ik zal maar ophouden met klagen, straks gaan jullie nog denken dat ik een oude vent ben. Denken he...
Gaande door deze dag sloeg mijn vage droefenis steeds meer om in geprikkeldheid.
Zo nodig een nog vervelender gevoel. Maar het positieve hieraan was dat ik tevens meer inzicht kreeg in de werkelijke oorzaak van deze onheilzame gewaarwordingen. Ik besefte dat ik mij domweg aan het ergeren was omwille van de 'ondraaglijke lichtheid van het (Belgische) bestaan'. Misschien toch niet zo een goed idee om de laatste dagen terug de krant te kopen. Hoe de media zich als hongerige wolven storten op alles wat hun kijk-en leescijfers kan opkrikken! Maar zelfs al zou de inhoud van hun berichtgeving maar half de waarheid benaderen, van die inhoud kan je moeilijk vrolijk worden.
Het is echter niet enkel hier dat het schoentje wringt. Het is alsof onze hele samenleving diepgang mist. Ik zie een wereld rondom mij die blijkbaar enkel leeft om te werken en geld te verdienen dat dan bijgevolg moet dienen om huizen te bouwen of te renoveren, te consumeren of op reis te gaan, afgewisseld met wat sportvertier van voetbal of wielrennen. Hoogstwaarschijnlijk een veel te hard oordeel van mij, alsof ik al uberhaupt het recht zou hebben om te oordelen. Er mag dan nog een grond van waarheid zitten in mijn analyse, ik ben degene die daar voor mezelf de lessen moet uit trekken.
Dit inzicht verzachtte mijn wrevel maar heeft vooralsnog mijn droefenis niet helemaal kunnen opheffen. Voorlopig zal het nog het meest verstandig zijn om mijn hoofd te ledigen van negativiteit alvorens in slaap te vallen en morgen trachten te genieten van de kleine familiereunie ter gelegenheid van Lieve's verjaardag en mijn nakend afreizen. Ik ben daar altijd graag bij wanneer zij, Jerpe, Senne en zijn vriendinnetje Eefje, Melina, Tom en mijn kleinkinderen Boke en Florke nog eens allemaal kunnen samenkomen. Ward zal daarbij andermaal gemist worden maar we gunnen de jongen zijn laatste etappe, alvorens om financiele redenen te moeten terugkeren, dwars door China richting Mongolie. Op het thuisfront zal iedereen blij zijn om zijn strapatsen uit eigen mond te vernemen. Met zijn gebruikelijke humor hoor ik de lachsalvo's al. Op onze gezamenlijke trektochten beweerden meerdere mensen dat ze het konden merken met vader en zoon te spreken maar Ward is minder een diepgraver en zal dus hopelijk minder last ondervinden van die zogenaamd ondraaglijke lichtheid. 'Humor is het meest krachtige, geweldloze wapen', een van de betere uitspraken van Picasso. En volgens Thich Nhat Hanh ontspant ons hele lichaam en geest wanneer er een glimlach op ons gelaat verschijnt. Misschien mag het leven wel licht bevonden worden, echter niet te verwarren met oppervlakkigheid.
Om mani padme hum.
En mijn rug laat zich opnieuw voelen omdat ik het even niet meer gewend ben om niet op een harde ondergrond te slapen... Ach, ik zal maar ophouden met klagen, straks gaan jullie nog denken dat ik een oude vent ben. Denken he...
Gaande door deze dag sloeg mijn vage droefenis steeds meer om in geprikkeldheid.
Zo nodig een nog vervelender gevoel. Maar het positieve hieraan was dat ik tevens meer inzicht kreeg in de werkelijke oorzaak van deze onheilzame gewaarwordingen. Ik besefte dat ik mij domweg aan het ergeren was omwille van de 'ondraaglijke lichtheid van het (Belgische) bestaan'. Misschien toch niet zo een goed idee om de laatste dagen terug de krant te kopen. Hoe de media zich als hongerige wolven storten op alles wat hun kijk-en leescijfers kan opkrikken! Maar zelfs al zou de inhoud van hun berichtgeving maar half de waarheid benaderen, van die inhoud kan je moeilijk vrolijk worden.
Het is echter niet enkel hier dat het schoentje wringt. Het is alsof onze hele samenleving diepgang mist. Ik zie een wereld rondom mij die blijkbaar enkel leeft om te werken en geld te verdienen dat dan bijgevolg moet dienen om huizen te bouwen of te renoveren, te consumeren of op reis te gaan, afgewisseld met wat sportvertier van voetbal of wielrennen. Hoogstwaarschijnlijk een veel te hard oordeel van mij, alsof ik al uberhaupt het recht zou hebben om te oordelen. Er mag dan nog een grond van waarheid zitten in mijn analyse, ik ben degene die daar voor mezelf de lessen moet uit trekken.
Dit inzicht verzachtte mijn wrevel maar heeft vooralsnog mijn droefenis niet helemaal kunnen opheffen. Voorlopig zal het nog het meest verstandig zijn om mijn hoofd te ledigen van negativiteit alvorens in slaap te vallen en morgen trachten te genieten van de kleine familiereunie ter gelegenheid van Lieve's verjaardag en mijn nakend afreizen. Ik ben daar altijd graag bij wanneer zij, Jerpe, Senne en zijn vriendinnetje Eefje, Melina, Tom en mijn kleinkinderen Boke en Florke nog eens allemaal kunnen samenkomen. Ward zal daarbij andermaal gemist worden maar we gunnen de jongen zijn laatste etappe, alvorens om financiele redenen te moeten terugkeren, dwars door China richting Mongolie. Op het thuisfront zal iedereen blij zijn om zijn strapatsen uit eigen mond te vernemen. Met zijn gebruikelijke humor hoor ik de lachsalvo's al. Op onze gezamenlijke trektochten beweerden meerdere mensen dat ze het konden merken met vader en zoon te spreken maar Ward is minder een diepgraver en zal dus hopelijk minder last ondervinden van die zogenaamd ondraaglijke lichtheid. 'Humor is het meest krachtige, geweldloze wapen', een van de betere uitspraken van Picasso. En volgens Thich Nhat Hanh ontspant ons hele lichaam en geest wanneer er een glimlach op ons gelaat verschijnt. Misschien mag het leven wel licht bevonden worden, echter niet te verwarren met oppervlakkigheid.
Om mani padme hum.
zaterdag 16 april 2011
Met mijn kersvers elektronisch paspoort en mijn visum voor Vietnam op zak en mijn vliegticket in de hand, ben ik er klaar voor om opnieuw op pad te gaan. Alles komt uiteindelijk goed, het was zelfs een beetje onverhoopt dat ik zo makkelijk drie maanden verblijfsvergunning kreeg op de ambassade en aan een zeer gunstige prijs kan reizen. Aanvankelijk kwam ik ticketprijzen op het internet tegen die schommelden tussen 1800 en 900 euro en moest ik om naar Ho Chi Minh City te vliegen steeds vertrekken vanuit Amsterdam, Parijs of Frankfurt. Maar uiteindelijk kan ik voor 460 euro op vrijdag 22/4 vanuit Brussel opstijgen! Het was daarbij mijn wens om slechts met een enkele overstap en voor beide vluchten met eenzelfde maatschappij te kunnen vliegen, liefst van al met Qatar Airlines want die bieden een uitstekende service met kwalitatief goed vegetarisch eten en de grootste 'beenruimte' als bonus. Ik heb dit alles verkregen.
Al mocht ik tot hiertoe wat ongemakken ondervinden met de Belgische administratie, wat betreft mijn reis blijven de zaken vlot gaan. Voor mij nog altijd een teken dat ik met de goedkeuring van de kosmische energie aan mijn project mag werken. Maar over mijn verblijf op geboortegrond wil ik over de gehele lijn zeker niet klagen. Niet enkel ben ik uiterst gastvrij opgevangen bij zowel mijn zus en schoonbroer als in de abdij van Westmalle, -waar ik niet moest onderduiken zoals die illustere bisschop in Westvleteren moest doen, ook, maar om geheel andere redenen, op spirituele zending gestuurd- maar ik heb tevens kunnen genieten van een zonovergoten lente, mogelijk de mooiste sinds jaren. Ik heb, spijtig genoeg, al dit moois niet altijd beantwoord met de gepaste soberheid, de vastenperiode onwaardig.
Onze historisch Bourgondische levenswijze had me soms nog al te makkelijk in de greep. Ik heb echter weer goede voornemens genomen en ga, eens op het vliegtuig gezeten, mij opnieuw 'focussen'. Waarvan akte zeker?
Goed, na ongeveer een half jaar studie van het Theravada boeddhisme en dezelfde tijdsspanne van het Tibetaans boeddhisme, ga ik me nu wat onderdompelen in het Zen. Vietnam, onder invloed van zijn Chinees verleden, kent nog een sterke C'han traditie. Dit is een vermenging van het Taoisme met het Mahayana, waaruit het zenboeddhisme is ontstaan. De Vietnamese overheid is hier niet onverdeeld gelukkig mee maar daar kan ik om begrijpelijke redenen niet verder over uitweiden.
Ik zie er een beetje tegen op om in de drukke en naar het schijnt zeer lawaaierige miljoenenstad Ho Chi Minh City te moeten verblijven maar dat is onvermijdelijk. Hopelijk kan ik terecht op de twee adressen (pagodas want tempels hebben hier een andere betekenis) die Phra Tran mij destijds in Wat Ram Poeng heeft bezorgd maar mijn hoofddoel is mijn goede vriend, voormalig studiegenoot en buurman Ven Than Huong te gaan opzoeken in diens thuisklooster in DaNang. In zijn recente mail schrijft hij heel vriendelijk dat hij mij daar verwacht in de loop van de maand Mei.
Het wordt dan al behoorlijk heet en vochtig maar het klooster ligt op loopafstand van het strand met zicht op de Pacific. Ik gok op een zeebriesje, of in geval van nood, op een tochtje van 40 km landinwaarts naar het gebergte. Mijn zus vindt dat ik het snel te koud krijg, misschien ben ik de tropische hitte al wat gewend. Jezelf rustig houden is de boodschap, lukt wel met enkele uren dagelijkse meditatie.
Aan dit laatste ben ik stevig toe. In Westmalle lukte het mij wel maar in Deurne kwam ik, op wat wandelmediteren in het Rivierenhof na, niet aan zitmeditatie toe.
Na Vietnam wil ik graag naar Zuid-Korea. Volgens Mi-ae, half-Koreaans en half-Argentijns en goede vriendin vanuit mijn eerste Nepalese periode, moet ik dat beslist doen. Zij woont en werkt nu wel in New York maar is absoluut verliefd op het land van haar voorouders. Adressen om te verblijven kon ze me niet geven maar volgens haar is het geen probleem om daar in kloosters te verblijven.
En na Korea?..ik weet het niet. Japan lag altijd al, om redenen van te duur en moeilijke communicatie, wat moeilijk in mijn gedachten en is voorlopig geen optie meer. Alles ligt open, hangt er ook wat van af waar de wind mij naar toe waait of welke suggesties Ven WeiWu mij doet. Zoals het er nu voorstaat is dat de man waar ik het best naar luister, al zal die mij nooit exact de weg wijzen, enkel de richting aangeven.
Al mocht ik tot hiertoe wat ongemakken ondervinden met de Belgische administratie, wat betreft mijn reis blijven de zaken vlot gaan. Voor mij nog altijd een teken dat ik met de goedkeuring van de kosmische energie aan mijn project mag werken. Maar over mijn verblijf op geboortegrond wil ik over de gehele lijn zeker niet klagen. Niet enkel ben ik uiterst gastvrij opgevangen bij zowel mijn zus en schoonbroer als in de abdij van Westmalle, -waar ik niet moest onderduiken zoals die illustere bisschop in Westvleteren moest doen, ook, maar om geheel andere redenen, op spirituele zending gestuurd- maar ik heb tevens kunnen genieten van een zonovergoten lente, mogelijk de mooiste sinds jaren. Ik heb, spijtig genoeg, al dit moois niet altijd beantwoord met de gepaste soberheid, de vastenperiode onwaardig.
Onze historisch Bourgondische levenswijze had me soms nog al te makkelijk in de greep. Ik heb echter weer goede voornemens genomen en ga, eens op het vliegtuig gezeten, mij opnieuw 'focussen'. Waarvan akte zeker?
Goed, na ongeveer een half jaar studie van het Theravada boeddhisme en dezelfde tijdsspanne van het Tibetaans boeddhisme, ga ik me nu wat onderdompelen in het Zen. Vietnam, onder invloed van zijn Chinees verleden, kent nog een sterke C'han traditie. Dit is een vermenging van het Taoisme met het Mahayana, waaruit het zenboeddhisme is ontstaan. De Vietnamese overheid is hier niet onverdeeld gelukkig mee maar daar kan ik om begrijpelijke redenen niet verder over uitweiden.
Ik zie er een beetje tegen op om in de drukke en naar het schijnt zeer lawaaierige miljoenenstad Ho Chi Minh City te moeten verblijven maar dat is onvermijdelijk. Hopelijk kan ik terecht op de twee adressen (pagodas want tempels hebben hier een andere betekenis) die Phra Tran mij destijds in Wat Ram Poeng heeft bezorgd maar mijn hoofddoel is mijn goede vriend, voormalig studiegenoot en buurman Ven Than Huong te gaan opzoeken in diens thuisklooster in DaNang. In zijn recente mail schrijft hij heel vriendelijk dat hij mij daar verwacht in de loop van de maand Mei.
Het wordt dan al behoorlijk heet en vochtig maar het klooster ligt op loopafstand van het strand met zicht op de Pacific. Ik gok op een zeebriesje, of in geval van nood, op een tochtje van 40 km landinwaarts naar het gebergte. Mijn zus vindt dat ik het snel te koud krijg, misschien ben ik de tropische hitte al wat gewend. Jezelf rustig houden is de boodschap, lukt wel met enkele uren dagelijkse meditatie.
Aan dit laatste ben ik stevig toe. In Westmalle lukte het mij wel maar in Deurne kwam ik, op wat wandelmediteren in het Rivierenhof na, niet aan zitmeditatie toe.
Na Vietnam wil ik graag naar Zuid-Korea. Volgens Mi-ae, half-Koreaans en half-Argentijns en goede vriendin vanuit mijn eerste Nepalese periode, moet ik dat beslist doen. Zij woont en werkt nu wel in New York maar is absoluut verliefd op het land van haar voorouders. Adressen om te verblijven kon ze me niet geven maar volgens haar is het geen probleem om daar in kloosters te verblijven.
En na Korea?..ik weet het niet. Japan lag altijd al, om redenen van te duur en moeilijke communicatie, wat moeilijk in mijn gedachten en is voorlopig geen optie meer. Alles ligt open, hangt er ook wat van af waar de wind mij naar toe waait of welke suggesties Ven WeiWu mij doet. Zoals het er nu voorstaat is dat de man waar ik het best naar luister, al zal die mij nooit exact de weg wijzen, enkel de richting aangeven.
Abonneren op:
Posts (Atom)